Happy Campers

Author: Jana  //  Category: Vakantie

‘We are going to Wilpena Pound to camp, shiver, hike the St Mary and do a bit of train nerding. Do you fancy it?’ Dat was de vraag die Rachel & Mike -de eigenaren van het appartement waar we de eerste maand verbleven- ons een tijd geleden stelde. De trip zou in het lange weekend zijn waarvan de maandag een vrije dag was in verband met de Queen’s Birthday. Een soort Koninginnedag dus en een van de laatste public holidays dit jaar. 

Nu wilden we al een hele tijd weer eens een tentje opzetten, maar het kwam er steeds niet van. Bovendien werden de avonden kouder en hielp het woord ’shiver’ in hun uitnodiging ook niet echt. Het zou bovendien hier winter zijn en dat hebben we net 1,5 jr kunnen overslaan. Wie gaat er dan in hemelsnaam in een tentje slapen en vrijwillig kou lijden, vroeg ik me zo af. In de Outback nog wel, waar we nachten in de winter rond het vriespunt liggen. En train nerding tot daar aan toe, maar de St Mary beklimmen? We hebben het dan over het hoogste punt van South Australia (1200 m) terwijl ik na de hike naar Mount Lofty (’slechts’ 710 meter) vorige week toch zo’n drie dagen amper de ene been voor de andere kon zetten. Hiken is 1 ding, maar deze piek beklimmen is pas voor échte bikkels weggelegd. Toch trok de gedachte ons aan om te kunnen kamperen in dat prachtige gebied. Wilpena pound, een nationaal park,  ligt in de Flinders Ranges, zo’n kleine 500 km noordelijk van Adelaide. Afstand Den Haag – Parijs ongeveer. En dan zit je nog in South Australie, go figure. Het is een natuurlijk amfitheater van 80 km2, omgeven door bergen van 800 miljoen jaar oud. De Himalaya’s zijn hierbij vergeleken een puber, zo vertelde een gids mij later. En volgens vele Ozzies is het een magisch gebied, wat je zeker gezien moet hebben. Het avontuur lonkte en ons antwoord was uiteindelijk: ‘Count us in (who’ll bring the booz?)’

Hit the road!

Afgelopen vrijdag was het zover. We besloten ons te bewapenen tegen de kou en pakten zoveel kleding, dekbedden, slaapzakken, thermische kleding kruiken en survival food mee als in onze 4WD paste. Aangezien we nog nooit naar het Noorden waren gereden, besloten we het rustig aan te doen. Al snel nadat je de stad uit bent, begint het Grote Niets. Back o’Beyond. The Never Never. Of in Ozzie slang: GAFA (Great Australian Freak All). Eindeloze vergezichten. Heuvels. Schapen, veel schapen. Passerende roadtrains. Gumtrees, in alle soorten en maten. Clear blue skies, een prachtige lichtval en bijzondere wolkenformaties. En verbazingwekkend veel groen. Cruise control instellen en karren maar. Op naar Wilpena Pound voor een hard core camping trip!

Bij de visitor centre meldden we ons en kregen we een kampeervergunning. Er waren 450 (!) plaatsen en we mochten zelf een plekje uitzoeken; de meeste bezoekers zaten namelijk in het bijgelegen resort. Op de campground zelf zag je veel campers en hier en daar een tent. Rachel & Mike waren nog onderweg en Paul & Katherine, een stel uit Engeland die we al een keer hadden ontmoet en twee jaar in Oz wonen, kwamen ook, maar een dagje later. We zochten een prachtig plekje uit. Tent opgezet en ‘winterklaar’ gemaakt :D Toen Rachel & Mike zich ook geinstalleerd hadden, doken we meteen het restaurant in voor een happie en een sappie. We doken vroeg onder de metershoge dekbedden om er de volgende ochtend weer vroeg (en verrassend opgewekt) onder vandaan te kruipen om treintje te gaan rijden. 

Pichi Richi Railway

De Pichi Richi, geheel gerund door vrijwilligers, biedt een historische treinrit door de Flinders ranges. Met een dubbele stoomtrein, die over de (smalle) rails van de oude Ghan rijdt, reden we van Quorn naar Port Augusta en terug. Een rit van zo’n kleine 80 km. Voor treinliefhebbers van jong en oud dé ultieme droom. Slechts een keer per jaar rijdt deze stoomtrein, wat ervoor zorgde dat er bij het station, langs de rails en op de wegen mensen stopten, zwaaiden, filmden en foto’s maakten. We hingen uit het raam, genoten van het uitzicht en tsjoekten langs een landschap wat je niet zou verwachten in de Outback. Groen, weelderig en heuvelachtig. In onze coupe vertelde een gids van alles over het gebied en over de drijvende kracht van de vele vrijwilligers. Een unieke ervaring!

Tijdens een stop in Port Augusta (een badplaats in Yorke Peninsula), viel me ineens op dat Eup een dikke wang had. Door de train nerding had hij het zelf niet in de gaten, en al gauw bleek dat het er niet beter op werd. In het restaurant belden ze naar een tandarts, maar kregen geen gehoor. Niet zo raar als je je bedenkt dat het zaterdag was, in een feestweekend. Eenmaal terug in Quorn aan het eind van de middag, besloten we een ziekenhuis op te zoeken en vonden er een in Hawker, de ‘grootste’ stad in de omgeving (500 inwoners). Een vriendelijke aboriginal dame opende de deur en daar zaten we dan, in de ziekenboeg. Na wat algemene metingen, formulieren en een belletje, bleek het om een infectie te gaan en gaf ze Eup antibiotica mee. In het pikkedonker reden we voorzichtig (in verband met overstekende kangeroos) terug naar de camping, terwijl de meest schitterende sterrenhemel boven ons verscheen. We stopten de auto, stapten uit en keken recht in een oogverblindende bijna angstaanjagend heldere Melkweg.

St Mary’s peak      

Zondagochtend stonden we  met het volgelgekwetter weer vroeg op om in polar outfits naar de hete douches te rennen en daarna blauwbekkend een ontbijtje klaar te maken. Inmiddels hadden ook Paul & Katherine de ijskoude nacht in hun tent doorgebracht. Wilpena Pound trok niet alleen kampeerders, maar ook wildlife aan; overal op deze camping stonden en lagen kangeroos, krabten wat aan hun vacht en zo bleek later, zochten naar hapjes. Geen vuilniszak was veilig en zelfs de pakjes noodles die op tafel lagen, knabbelden ze op of verdwenen in hun buideltje :)  Met z’n zessen vertrokken we al vroeg voor de wandeltocht der wandeltochten. Het eerste deel in de Wilpena Pound was vlak, maar al snel werd het steil. Klimmen en klauteren, zwoegen en zweten. En ze hadden er de vaart in, want ze wilden voor het donker thuis zijn! Halverwege wees Rachel mij de top van St Mary aan en ik dacht écht dat ze een geintje maakte. Zij hadden het al een paar keer gedaan en verzekerden ons dat het zou lukken. Doorlopen dus. Alhoewel, dat werd letterlijk rotsen beklimmen en steeds verder uitkijken over de vergezichten van de Flinders Ranges.

Vraag me niet HOE, maar daar stond ik dan, op de top van de St Mary. Met 360 graden adembenemend uitzicht. Wauw! Ik was dan wel de laatste, maar heb het zonder kleerscheuren gered. Vliegtuigjes voor een scenic flight vlogen voortdurend voorbij en wij zwaaiden enthousiast. Het blikje cola en broodje ei smaakte zelden zo lekker. Voordat we echt bevroren, startten we de afdaling en onderweg vroeg ik me af hoe we dat hebben kunnen klimmen. Het duurde uren die afdaling en Eup kreeg klutsknieen, ik zwabberbenen en voor ons allemaal werd het een race tegen de klok. De laatste uren waren weer op vlak terrein en op ons tandvlees bereikten we vlak na sunset de tenten, ploften neer en proostten op onze  prestatie: 1200 meter geklommen naar St Mary’s peak, negen uur gebuffeld en 21 km in totaal afgelegd.  

Een nieuwe traditie

We flansten wat pasta in elkaar, stookten een kampvuur en trokken wat flessen open. Met een heerlijk voldaan gevoel keken we terug op onze tocht, staarden in de vlammen, nipten aan een campingbekertje wijn en keken voortdurend omhoog naar de heldere sterrenhemel. Ondanks de spierpijn genoten we volop en spraken we af om elke maand samen ergens te gaan kamperen. Tenslotte: this was as cold as it gets..

Koud was het zeker die nacht. Ik had twee kruiken, een ijspak aan, drie dekbedden en ijspegels aan m’n neus. En Eup lag lekker in z’n shortje…Het bleek die nacht twee graden gevroren te hebben en alles was die ochtend bedekt onder een dun laagje ijs. En de kangeroos zaten rond het nasmeulende kampvuur, ook zij hadden het koud :)

We zouden het rustig aan doen. Een klein hikeje doen om de spieren wat op te warmen. Uiteindelijk werd dat weer een lange tocht, waarbij ik de look out maar even voor gezien hield. Eups wang hield zich aardig koest gelukkig. Pasta stond op het menu en in het kampvuur smeulden we bananen. Eup roosterde wat worstjes op een takje. En wederom zorgde de heldere sterrenhemel voor stress: staar ik in het vuur of kijk ik naar boven? :)

Dinsdagochtend braken we het kamp op, de tenten waren nat van het ijs en zouden we thuis nog wel drogen. We namen afscheid en planden de volgende trip naar Mc Laren Vale: een wijngebied in de Fleurieu Peninsula. Die daarna zal in Port Elliot zijn; augustus is namelijk de beste maand walvissen te spotten.  Door het Grote Niets reden we terug naar Port Adelaide en namen dit keer de scenic tour via Clare Valley; ook een wijngebied. We waren blij om weer naar huis te gaan, maar nog blijer dat we uiteindelijk toch zijn gaan kamperen. Het voelde alsof we weken weg waren geweest, echt een unieke ervaring. Kamperen in Winterwonderland, zo gek nog niet! Ginger & Turd, Mouse & Superwoman and Eup: thanx a million for an amazing camping experience!!   

 

Klik hier voor de foto’s van de Pichi Richi Steam train ride.

 

En klik hier voor de foto’s van de hike naar St Mary’s peak.

Fast Forward!

Author: Jana  //  Category: Adelaide

“Zijn jullie al op zoek naar werk?”, “Wat willen jullie precies gaan doen?” en “Is het moeilijk werk te vinden daar in Zuid Australie?” zijn vragen die ons de laatste tijd regelmatig zijn gesteld. Eerlijk gezegd hebben we ons hier tijdens onze settle periode niet mee bezig gehouden; te veel te ontdekken, te mooi weer, te veel te doen en nog meer te zien! Hadden we het een gedaan, dan kwam daar weer wat nieuws bij. Kortom, we kwamen tijd te kort en werken had absoluut nog geen prioriteit.

Zo volgde nadat we gesetteld waren een maandenlange ontdekkingstocht in Port Adelaide, de stad, de omgeving, de stranden, parken, de wijngaarden, de wildlife, de campings en hier en daar een tochtje buiten de staat South Australie. We leerden geweldige nieuwe mensen kennen en kwamen in aanraking met de Australische cultuur en mentaliteit. Na zeven maanden kunnen we zeggen dat we gewend beginnen te raken aan ons nieuwe leven hier; elke dag leren we weer, genieten we en zijn we vooral dankbaar dat we deze stap hebben kunnen maken.  Ondertussen begonnen we samen voorzichtig aan te praten over wat we graag zouden willen doen: hetzelfde ‘kunstje’ overhevelen naar een organisatie of bedrijf hier, of wilden we totaal iets anders? Wat zou dat zijn? Wat zou nu passen bij ons nieuwe leven?

Aged care in Adelaide

Werken in de ouderenzorg (aged care), dat was iets wat Eup het liefste wilde doen. Jarenlang heeft hij het er al over, maar op de een of andere manier is het in Nederland niet zo eenvoudig het roer van je carriere volledig om te gooien. Maar laat aged care in Adelaide nu een van de snelstgroeiende industries zijn. De migranten en pioniers van toen (jaren vijftig) hebben Australie groot gemaakt, en inmiddels  een respectabele leeftijd bereikt. Overal om je heen vind je aged care facilities; van kleine residenties, tot grote communities waarbij de zorg voor ouderen voorop staat en de concurrentie hevig is. Kranten staan vol met advertenties voor een studie in deze richting of een baan, of gecombineerd. Eup had slechtere plekken kunnen vinden om een nieuwe carriere op te bouwen.

Vrijwilligerswerk

Het idee bleef borrelen totdat Manon en Jan hier langskwamen. Manon had vrijwilligerswerk gedaan voor Rembrandt Court, een aged care faciliy voor Nederlanders. Al snel gaf ze het nummer door en raadde Eup aan contact op te nemen. Vlak voordat hij dat wilde doen kwam Florence hier langskwam, een Nederlandse dame die twee jaar geleden samen met Ben naar SA is geemigreerd. Zij was al een jaar vrijwilliger bij het Rembrandt Court (taak overgenomen van Manon), en stelde voor om Eup mee te nemen naar de ‘knutselclub’ op dinsdagmiddag. En zo geschiedde.

Eup werd met open armen ontvangen als nieuwe vrijwilliger en had ontzettend veel lol met ‘zijn nieuwe vriendinnetjes’. En zij met hem, want de dames vochten al snel om zijn aandacht :) Niet dat hij kan knutselen, maar het gaf hem wel een idee van wat aged care precies inhoudt. En gaandeweg leerde hij de staf kennen, die hem weer benaderden voor de meest uiteenlopende klussen, van netwerkbeheerder, tot community services. Een man in de aged care, nog jong ook, dat viel wel op!

Back to school!

Aged Care Certificate III, dat heb je hier nodig om aan de slag te gaan als aged care worker. Een soort basistraining met first aid, veiligheidsmaatregelen, communicatie, voedsel, etc. Om nog de bomen door het bos te zien in het enorme aanbod (full time, part time, online, campus), mailde en belde Eup wat rond. Zo kwam hij te weten dat er in onze wijk een trainingsinstituut is die dit certificaat aanbiedt: zes weken les in klasjes van vijf personen, dan assessments gevolgd door twee weken stage. Na een afspraak op dat instituut en een Engelse test, schreef hij zich vorige week in. Begin juli, als het hier echt winter en volgens locals de slechtste maand van het jaar is, start hij met de cursus en stapt na ruim twintig jaar weer de schoolbanken in. Bovendien heeft hij het voor elkaar gekregen dat Rembrandt Court, bij wie hij nog elke dinsdagmiddag vrijwilligerswerk doet, z’n stageplaats kan worden. Drie vliegen in een klap dus, en wie weet waar hij terecht komt nadat hij het certificaat in handen heeft. Het moet niet gekker worden, maar dat wordt het wel (deze post heet niet voor niets Fast Forward ;)).

Het balletje rolt…

Ook ik was me aan het orienteren op het werkaanbod en had ook links en rechts wat adviezen ingewonnen. Zo bleek al snel dat de communicatiebanen niet voor het oprapen liggen. Sterker: twee weken geleden is mijn beroep zelfs van de banenlijst (SOL) voor een Australisch visum geschrapt. Bovendien gaat het er hier erg om wie je kent, in plaats van wat je kent en kunt. Maar liefst 70% van alle banen wordt zo doorgeschoven en veel banenadvertenties zijn spookadvertenties. Tel daar bij op dat banen in communicatie, public relations en marketing een uitvoerig netwerk en perfecte schriftelijke vaardigheden vereisen, en de recruitment agencies niet om hun customer service bekend staan. Je begrijpt dat ik besloot breder te zoeken, want om ons permanent visum te kunnen krijgen moet een van ons binnen drie jaar een jaar lang 35 uur per week gewerkt hebben. In any job, dat dan weer wel ;)

Het Ozzie proof maken van mijn CV, reageren op banen en het bezoeken van bureaus stond voor deze week in mijn agenda. Dan zou ik wel zien wat daaruit rolde. Wordt Eup ineens gebeld afgelopen woensdag door de manager van Rembrandt Court. Er was een open position: Quality Coordinator. Of hij daar interesse in had of anders iemand wist? Meteen gaf Eup mij de hoorn in m’n handen en kwam ik erachter dat zij een coordinator zoeken voor de kwaliteitsprocedures (in het kader van de accreditatie) en de vrijwilligers voor sociale groepen. Het was nog niet helemaal zeker, maar snel zou hij meer weten. Dat mijn achtergrond communicatie is, kwam hem heel erg goed uit en direct werd de job description gemaild. Redelijk perplex hing ik op: of het ging toch niet door want wie belt nu rond voor vacatures, of deze man had een perfecte aanpak en vooral: timing.   

De job description was erg algemeen, maar in die mail werd -mits ik interesse had- een datum voorgesteld voor een job interview en verzocht mijn CV te mailen. Uiteraard heb ik meteen gereageerd (een job interview !?) en maakte ik in no time mijn CV ‘Ozzie proof’. En zo geschiedde het dus dat ik gisteren, op maandagmorgen dus (!), bij de CEO en de manager aan tafel zat. Een ontzettend leuk gesprek volgde, waarbij duidelijk werd dat de baan een combi is van talen (Australisch voor de procedures, Nederlands voor de bewoners en vrijwilligers), van taken (procedurele documenten verzorgen, organiseren evenementen en coordineren vrijwilligers) en van lokaties (Noorden en Zuiden van Adelaide). Kanttekening was mijn ‘overqualification’, maar dat heb ik snel rechtgezet. Een nieuwe start in een nieuw land, een nieuwe loopbaan. Nietwaar? Na het interview gaven ze een salarisindicatie, vroegen ze of ik erover na wilde denken en gaven ze terloops aan dat Eup ze na zijn cursus zeker nog maar moest bellen (het gaat erom wie je kent, dat werd heel duidelijk ….) :D

Vanmorgen kwam het verlossende woord: “You are our preferred candidate.” Met andere woorden:  The Job is Mine!! Mijn eerste Australische baan! Ik viel van m’n stoel en Eup stond te grinniken. Begin juli beginnen, wat precies een jaar is na ons vrijwillig ontslag in Nederland. Morgen gaan we de details bespreken. Wow! In een week tijd zijn we fast forward een nieuwe fase ingegaan: de een aan de studie, de ander aan het werk. Beiden in aged care. Who’d thought of that?? Ik niet!

Nog vier weken genieten van onze Koos Werkeloos periode, dan blijven de weekends over om onze ontdekkingstocht hier voort te zetten. Hoe dan ook, op deze site houden we je op de hoogte en hopen we dat jij dat ook doet via deze posts of de blaathoek.

Nu eerst maar eens een fles champagne opentrekken :)

Cheers!

Een Tropisch tussendoortje (deel 3)

Author: Jana  //  Category: Vakantie

De dag na de Muppetshow goes tropics, ging de hele bende van ellende naar een rivier om in banden ervan af te dobberen. Wij bleven in het huis en overzagen het slagveld. We besloten maar eens op te ruimen en namen de bezem ter hand. Het was heerlijk weer daar zo hoog gelegen aan de rand van het regenwoud. Eigenlijk zou het droge seizoen er al zijn, maar dat liep uit. ’s Middags toen iedereen terugkwam, kwamen de laptops tevoorschijn (technologie in de jungle, hoe bizar) en kwam het IJslandse vulkaannieuws tot ons. We konden amper geloven dat er geen vliegverkeer was in Europa..en ook al zaten we aan de andere kant van de wereld, toch waren er veel mensen bij ons die deze week terug zouden vliegen. Mailtjes werden verstuurd en airlines gebeld. Toen er geen duidelijkheid kwam, bedachten ze zich dat er slechtere plekken zijn om ’stuck’ te zitten….

Bij een spelletje frisbee bleek Paul ineens een ‘piiiing’ uit z’n kuit te horen en kromp ineen van de pijn. Gescheurde pees, bleek later. En hij zou niet de enige zijn, aangezien twee dagen later ook JFK hetzelfde geluid en pijn hoorde. Eup kom alvast oefenen voor z’n nieuwe carriere en legde wat verbandjes aan….Die jungle is toch genadeloos….:D

Pure luxe!

Maandag kondigde Jen aan dat we naar haar werk gingen. Zo is zij General Manager van een vijf sterren resort (Peppers Beach club) in Port Douglas en mochten we daar voor een schijntje in een kamer verblijven. Snel wisselden we de krappe camper in voor een luxe 3 bedroom suite! Nu ben ik altijd wel te porren voor een resort, maar hier viel m’n mond van open. Zo is het zwembad maar liefst 50 meter lang en is er een strandje, waarvan het zand uit Brisbane wordt gehaald..  Dit natuurlijk omdat het een paar maanden van het jaar onmogelijk is het tropisch water van North Queensland in te duiken. Tenzij je een aanvaring wilt met een box jellyfish, ook wel ’stinger’ genoemd, wat onherroepelijk leidt tot een zeer pijnlijke dood. Als je in zee wilt zwemmen, kan dat in dit deel van Australie alleen in speciale stinger nets. En als je die aanvaring hebt, staan er op het strand flessen azijn. Had ik het al over de saltwater crocs gehad? Mocht je niet gedood zijn door die kwallen, dan hebben we de ’saltie’ nog.  Thanks, but no thanks. Doet u mij het Peppers strandje maar.

De 3 bedroom suite werd onmiddelijk in beslag genomen door JFK, Phill, Marvin, Olivia, Eup en ik, en omgedoopt tot Holland House. De rest bleek dat ook wel een goede party lokatie te vinden en zat in no time bij ons op de kamer. We hadden zelfs een keuken, woonkamer, wasmachine (ja, schone kleren!!), tv en private pool.’s Avonds aten we in een restaurant in Port Douglas en keken uit over een prachtige baai. Het poedelen en plonzen werd daarna voortgezet in het zwembad van het resort (mocht eigenlijk niet, maar van Jen mocht alles) en terwijl we naar de maan en de sterrenhemel keken riep Sara: ‘What a dump, it’s an absolute ripp off this place, I need to talk to the general manager”. Typisch Engelse humor, love it :D

Dinsdag deden we het maar eens rustig aan. Wasjes werden gedaan en het nieuwd mbt de (geannuleerde) vluchten werd gevolgd. We liepen over Four Mile beach, wat op 2 minuten lopen van het resort was. Het regende wederom, en na een heerlijk pastahapje van de culinaire dames, gingen we vroeg naar bed. Een nieuw avontuur wachtte namelijk….   

Van vijf sterren, naar geen sterren

Woensdag verruilden we de absolute luxe in voor absoluut geen luxe en heel veel puur natuur. We zeiden iedereen gedag en hoe moeilijk het ook was die geweldige groep te verlaten, toch pakten we de camper richting Cape Tribulation (Cape Trib genoemd). Dit is een van de meest noordelijke punten in Queensland en om hier te komen, moet je de Daintree river over met een ferry. We haalden weer wat happies en sappies, want Cape Trib is behoorlijk afgelegen. We reden door het regenwoud, theeplantages, koffie, tropische planten en bloemen (hibiscus, frangipani, tea tree, dragonfruit) en gebieden waar de Cassowary woont – een met uitsterven bedreigde vogel, soort dodo met kleurtjes en zonder vleugels. Hier was het echt Jurassic Park!

Onze camping lag aan het strand, klein stukje door het woud er naartoe lopen (tussen de bruch turkeys) met wederom waarschuwingen voor crocs en stingers.  En hier had je het strand voor je alleen. De kokosnoten vlogen om je oren en er was zelfs een plek waar je ze kon spiezen. Bij het plaatselijke vvv/supermarkt/cafe haalden we wat noodle soup en boekten een snorkel toer met de ocean safari. Na zonsondergang gierden de reuzenbats voorbij, kwamen de padden weer tevoorschijn, volgde wederom een muggen attack, volgden oorverdovende jungle geluiden, zagen we vuurvliegen en doken we snel de camper in..

We werden al vroeg opgehaald om met een speedboat naar de Great Barrier Reef te varen. De (reddings)boot stuiterde over het water en uiteraard zaten wij voorin :) Binnen een half uur waren we bij Mackay island, kregen we een instructie, trokken de stingersuit aan en doken het water in. Na de ‘face my fears training’ van Eup tijdens onze wereldreis, was ik benieuwd of ik jaren na dato nog dieptevrees zou hebben. Maar geen centje pijn, zelfs niet onder die moeilijke omstandigheden met hoge golven en dreigende regen. Het water was niet erg diep, en met de hele groep hebben we in totaal twee uur gesnorkeld. Ongelooflijk mooi en heel veel koraal hebben we gezien (dat is in Indo allemaal gebombardeerd ivm bomb fishing), reuzenclamps, een green turtle, een blue spotted ray en zelfs een 2 m lange barracuda. Een mooie ervaring!

Where the rainforest meets the reef

 ’s Middags was het benauwd op de camping en we pakten onze stoeltjes om deze op het strand neer te planten. Boekje en een klein wijntje mee, en afkoelen en genieten maar. Dit bijzondere plekje kenmerkt de ontmoeting tussen het regenwoud en the Great Barrier reef, twee werelderfgoedplekken. We hadden het strand voor onszelf  alleen..

Vrijdag pakten we onze spullen weer in om via wat bezienswaardigheden terug te reizen naar Cairns, een rit die drie uur zou duren. Terwijl we de camping crew gedag zeiden, vertelde een local ons dat we zeker de Marrdja boardwalk moesten doen. Waren we die normaal voorbij gereden, nu stopten we voor dag en dauw bij deze botanische wandeling (met borden!), smeerden ons in met deet en stapten de tijdmachine in……naar 300 miljoen jaar geleden. De wandeling was fantastisch en leidde ons langs de oerplant (van zeewier) en mangroves. De borden langs de boardwalk legden uit hoe de natuur was toen Australie nog ‘vastgeplakt’ zat aan Azie..en hoe weinig het nu verschilt. Zeer indrukwekkend.

Op weg naar Cairns stopten we bij de ice cream factory waar ze ijs maken van home grown tropische vruchten. Zo zag je op hun orchard een durian boom, een lychee boom en teelden ze mango’s en nog veel meer heerlijke tropische vruchten. Ik keek m’n ogen uit (waar zie je dat allemaal op een paar km2?) en stapte in m’n enthousiasme in een geul en viel hard onderuit, de camera het eerst. Die overleefde het gelukkig, maar m’n knie was er slechter aan toe. Gelukkig waren we bij een ice factory, dus haalde ik wat ijs en kreeg er een als troost :)

We pakten de ferry weer, staken de Daintree river over, reden over de Captain Cook highway en kwamen in de middag -na een supermarkt stop- aan in Cairns, op een camping aan Lake Placid. Een prachtoge tropische camping, met een lagoon als zwembad waar ik natuurlijk direct indook. Tussen de cain toads (wederom giftig), gooiden we wat vlees op de barbie en babbelden wat met een ouder echtpaar uit Melbourne, die ons van alles over het land en het gebied vertelden. Heerlijk, zulke ontmoetingen.

Zaterdag vlogen we terug naar herfstachtig en vooral droog Adelaide. Eerst de camper ingeleverd bij Apollo en de hele crew was niewsgierig naar onze trip. Eigenlijk zijn alle Ozzies supernieuwsgierig, maar dat is een ander verhaal ;) “We survived Daintree and Cape Trib!”, riepen we. “But couldn’t you tell us where the aircon button is?” Met deze grap barstten de mannen los, totdat een ons vertelde dat als we het echt leuk vinden (”It’s not for the faint hearted!”) we ook eens een 4 wheel drive camper kunnen huren. Doet hij zelf ook, en dan gaat hij naar Cape York. Noordelijker kun je niet en je moet zelfs door Aboriginal land. Je krijgt altijd toestemming, en dan kun je zwijntjes schieten, vis vangen, roosteren en is er ECHT niemand. Hmmm, misschien iets voor een volgende keer :D

Na een kleine drie uur in het vliegtuig (we kregen een emergency exit plaats) -waarbij Eup riep dat ie eindelijk weer kon ademhalen en ik alle ins en outs van de stock market van de man naast me heb gehoord- landden we in Adelaide.  En toen we uitstapten en bijkwamen van een onvergetelijke 1,5 week, uitkijkend naar ons heerlijke huis, zagen we ineens een prachtige dubbele regenboog opdoemen van het vliegveld naar de CBD van Adelaide. It’s great to be back home!

Klik hier voor de foto`s van Peppers

Klik hier voor de foto`s van Daintree – Cape Trib

Een tropisch tussendoortje (deel 2)

Author: Jana  //  Category: Vakantie

Na een heerlijke nachtrust, waarbij we zelfs een slaapzak nodig hadden in het coole Julatten, klommen de we camper uit en genoten van het bijzondere uitzicht. Jen & Paul moesten hier maar eens een echte camping neerzetten, vonden we. Genoeg plek en vertier in en rond het huis. En kakelverse eitjes die de ochtend van het (echte) feest met wat bacon op de Barbie werden gegooid. Yummie!

Daintree Rainforest

Voordat het junglefeest losbarstte, stond er een bezoekje aan de Mossman Gorge op het programma, een snel stromende rivier in de Daintree Rainforest. We gingen er lekker poedelen in het water, tussen de rotsen en vissen. Met een aantal auto’s reden we de berg af en passeerden suikerrietplantages en stomende bergtoppen. Mossman ligt aan de Daintree Rainforest, een uniek en vooral betoverend regenwoud van 1200m2. Uniek omdat het het oudste (levende) regenwoud ter wereld is.  Schattingen variëren van 135 miljoen tot zelfs 300 miljoen jaar oud. Ter vergelijking: het Amazone regenwoud is ’slechts’ 70 miljoen jaar oud. Wandelend door de Daintree is echt een bijzondere ervaring en doet alle andere regenwouden verbleken. Zo heeft Moeder Natuur het in de tijd van de dinosauriërs ooit bedoeld….je verwachtte bijna dat ze elk moment konden opduiken :D Niet voor niets is de Daintree Rainforest een World Heritage site.  En het mooiste is dat je gewoon door een deel ervan heen kunt wandelen! Mocht je dus ooit ‘in de buurt’ zijn, bezoek dan zeker dit inspirerende regenwoud.

De Mossman Gorge is een veelbezochte plek met allerlei toeristen die ook wel eens in dit bijzondere stukje puur natuur willen wandelen en poedelen. Het was wel oppassen, want de stroming was behoorlijk en de rotsen glibberig. Tussen de vissen zwommen we rond in het ijskoude water. En voor Phill was dit moment er een waarop ze echt weer thuis in Queensland was. Terwijl we opdroogden aan de kant vlogen er talloze Ulysses butterflies rond, een azuurblauwe vlinder die je vooral in dit gebied tegenkomt. Wat een paradijs!

Terug in het Julatten ‘resort’ kregen we weer een heerlijke maaltijd voorgeschoteld van chicken wings (met wood chips op de Barbie!), roasted vegetables en meat balls. Na dit heerlijke hapje werd het huis versierd met ballonnen, krokodillen, spinnen en slangen en dook iedereen de kamer/tent/camper in om zich te verkleden en kwam er als caveman, kat, tijger, Jane, Tarzan of Explorer weer uit. Als je wilt weten hoe wij meededen aan deze Tropische Muppetshow voor gevorderden, kijk dan naar de foto’s. Giechelend om onze outfit stelde Eup zich aan iedereen voor met: ‘Dr Livingstone, I presume”….en kapte ik wat planten en kruipende narigheid weg :D

The Muppetshow has Jungle fever!

Van een beetje rustig aan beginnen was absoluut geen sprake tijdens dit jungle feestje. DJ Jen nam plaats achter de decks en ook de zeer goedgevulde bar bleef geen seconde onbemand. De ene na de andere outfit werd bewonderd en gefotografeerd. Er werd gedanst en de meest bijzondere mixjes (zowel drank als muziek) vlogen om je oren. Terwijl we genoten van deze bizarre Muppetshow, stonden ineens de buren op de veranda. De muziek zou toch niet te hard staan? Misschien was een jungle party met 25 bizar uitgedoste mensen (zelfs de kleine Lillith van 1,5 had een jungle pakje aan) niet echt acceptabel in dit deel van Australie? En waarom hadden ze een jutezak mee?

Het werd al snel duidelijk dat dit feest een nieuwe jungle dimensie kreeg. Uit de zak kwamen namelijk een aantal pythons…levende wel te verstaan. En je mocht ze ook even vasthouden! Hilariteit alom natuurlijk en iedereen wilde wel even voelen. Vreemd genoeg waren ze niet koud, maar bleken een fluweelzachte huid te hebben. Toch ging het mij te ver ze helemaal om m’n nek te doen. Eup niet, die was er als eerste bij en had direct nieuwe vrienden gemaakt…en ook JFK knuffelde met het huisdier van de buren.

Heel laat, of heel vroeg, sloten we het feest af met een plons in het bubbelbad. Wie zegt dat er geen 12 man in kunnen? Geheel in jungle stijl werden er wat (plastic) slangen het bad ingeflikkerd en vlogen ze ons om de oren. Eup deed z’n snorkel om en besloot die slangen eens een lesje te leren…..”Find the snake!”, riepen de badgasten in koor. Kon het nog gekker, vroeg ik me af tussen de spartelende mensen…

 

Klik hier voor de foto`s van de Jungleparty

Klik hier voor de fot`s van Mossman Gorge

Een tropisch tussendoortje (deel 1)

Author: Jana  //  Category: Vakantie

Nippend aan een kopje Daintree tea in herfstig Adelaide denk ik met een hele grote smile terug aan de afgelopen anderhalve week. Daarnaast herinneren de vele muggenbulten mij er ook aan dat we een kleine vakantie achter de rug hebben, naar de tropen wel te verstaan. De Australische tropen, van Noord Queensland om precies te zijn!

Ons tropisch tussendoortje was zo gevarieerd dat je onze belevenissen in een aantal delen kunt nalezen. En aangezien we een tijd niets gepost hebben op deze site, kun je er weer lekker voor gaan zitten dit keer :)

International Love Inn

Aanleiding voor ons tropisch uitje was een uitnodiging voor de International Love Inn. Om het jaar organiseren een groep (reis)vrienden van over de hele wereld een feest. Deze reunie wordt steeds op een andere lokatie gehouden, heeft een eigen thema, duurt een ‘lang’ weekend en twee jaar geleden waren wij er voor het eerst bij, in de Belgische Ardennen. Iedereen was prachtig uitgedost in een ‘roaring twenties’ outfit en het werd een extra feestelijke editie doordat JFK en Phillipa daar hun huwelijksfeest vierden.  Het was een geweldig weekend en we ontmoetten de meest relaxte en gekke mensen uit alle hoeken van de wereld. “Over twee jaar houden we het feest in Noord Queensland”, zeiden ze nog. En we beloofden plechtig dat we -als we de Australische visa zouden krijgen- van de party zouden zijn. Wij houden tenslotte wel van een feestje :D

Zaterdag 17 april werd het feest gehouden en laat dat nu net de dag zijn dat we precies 1 jaar geleden onze grant letter hebben gekregen van de Australische IND. Nog meer reden te feesten! Thema was dit keer ‘rumble in the jungle’, en de lokatie -aan de rand van het regenwoud- paste daar perfect bij. Bepakt en bezakt met onze jungle outfits (we hebben een paar items wel aangegeven bij de douane :D) stapten we de donderdag voor het feest op het vliegtuig en vlogen met Jetstar naar Cairns. We realiseerden ons dat we eigenlijk voor het eerst Adelaide UIT vlogen; een paar jaar geleden hebben we onze reis vanuit Adelaide per camper voortgezet. Ook was het even wennen dat je geen paspoort nodig had, het was immers een domestic flight. Een kleine drie uur vliegen (waarvan deels over een Marslandschap), dan nog in hetzelfde land zitten en aankomen in de tropen….dat kan alleen in Australie…

Van de droogste staat naar de natste; dat merkten we wel toen we in Cairns rondliepen. De luchtvochtigheid tikt hier makkelijk de 90% aan en voelde als een hele klamme natte deken. Eup zette het direct op een gutsen en z’n buffy’s (die welbekende lapjes om z’n pols) maakten overuren. Snel de camper opgehaald, eentje uit de Apollo vloot met de bijna Haagse naam ‘Cheapa Campa’. Achter ons een Nederlands stel die op z’n zachtst gezegd niet zo blij was. Bleek dat ze wekenlang hebben rondgereden zonder airco. Die zat er wel (althans, alleen voor), maar ze wisten niet hoe die aan moest. En waren er niet opgekomen om even te bellen of het aan een willekeurig persoon te vragen. Over gutsen gesproken :)

Port Douglas

Gniffelend reden we weg richting Port Douglas, 75 km ten noorden van Cairns. Deze luxe badplaats is de meest noordelijke in Queensland en heeft veel luze resorts én de Four mile beach: een prachtige baai omgeven door tropische bergen en een belangrijke gateway naar de Great Barrier Reef. Verder is hierook de serie Pacific opgenomen én is Steve Irwin hier gebeten door een pijlstaartrog.

Na wat rondgereden te hebben en wat happies en sappies te hebben ingeslagen, overnachtten we op een Big 4 campsite. Deze lag dus niet aan het strand en binnen no time waren we getuige van heel veel tropische ondefinieerbare insecten, giftige padden, vreemde vogels, reuzenvleermuizen, gecko’s en een geniepige directe-door-de-kleren-heen-stekende-ondanks-Deet-aanval-van-muggen. Tel daarbij een uitgelopen wet season bij op (nog benauwder) en je begrijpt dat we die nacht niet goed hebben geslapen. Zelfs ik niet -en dat zegt wel wat.

Cool!

Krabbend en gutsend maakten we ons de volgende dag uit de voeten. Omgeving verkend, aan het strand gelunchd, in Port Douglas rondgekeken en het feestadres ingetoetst in de Navmen. Jennifer & Paul waren de hosts van de International Love Inn; een stel dat we ook al ontmoet hadden tijdens de vorige editie. Zij wonen in Julatten, een klein dorpje op een half uur rijden van Port Douglas. We hadden nog geen idee wat ons te wachten stond, maar eenmaal zigzaggend door het regenwoud werd het steeds koeler…Tot onze grote verbazing bleken ze wat hoger te wonen, sterker: dit gebied had een geweldig klimaat (1 van de 5 beste klimaten ter wereld bleek later). What a relief!

We werden met open armen ontvangen en we keken onze ogen uit. Hun huis (en schuur) staat op 5 acres eigen grond. Uitzicht op de bergen, 2 eigen koeien, honden, een kippenren, paarden en heel veel native planten. Een prachtig zelf ontworpen huis met een grote veranda waar een Barbie, bar, DJ set, hot tub (kom ik later op terug) en een grote eettafel stond. Overal liepen al feestgangers rond en werden we verwelkomd. Achter het huis was het een ware camping met drie tenten en een camper. Veel mensen hadden dit feest al aangegrepen om ervoor of erna te gaan reizen in Australie of Nieuw Zeeland. Wij zetten de camper neer en even later kwamen JFK & Phil, en ook het Nederlandse stel Marvin & Olivia, terug van hun snorkeltocht. Geweldig elkaar aan deze kant van de wereld te zien!

Dat Jen & Paul in de hospitality werken, was te merken aan hun enorme gastvrijheid -je krijgt niet dagelijks een invasie van 25 man/vrouw/kind in je huis- en hun heerlijke maaltijden. Voor we het wisten stond de keuken vol met mensen, walmde de barbie en kwamen de lekkerste hapjes te voorschijn. Uiteraard kwamen de eitjes direct van de kippen vandaan ;)

’s Avonds keken we van de veranda uit op een prachtige sterrenhemel en plonsten we in de hot tub. Alsof dat nog niet genoeg verwennerij was, werd de champagne opengetrokken en hadden we een pre-party met bubbels in het bubbelbad :) Could life get any better?

 

Klik hier voor de foto’s van Port Douglas

 Klik hier voor de foto`s van Julatten

Fast, Furious & F****ng Amazing!

Author: Jana  //  Category: Adelaide

Terwijl veel van jullie nu waarschijnlijk de F1 races bekijken, zijn wij ernstig aan het bijkomen van een ander racespektakel wat Adelaide in z’n greep hield de afgelopen dagen. En dan heb ik het niet over het zogenaamde hoonen ’s nachts door de stad, en ook niet over het mini raceje ‘per ongeluk-achterportiertje-rammen-van-de-auto-van-de-buurman’ .  Nee, ik heb het over The Clipsal 500 Adelaide V8 Supercar event: the greatest touring car event in the world.

De Clipsal 500

Mocht je hier nog nooit van gehoord hebben -no worries, dat hadden wij ook niet- dan vat ik het even samen. Vier dagen per jaar giert de adrenaline door de mensen en door de oostelijke straten van Adelaide; het vroegere Grand Prix terrein. De F1 vond namelijk van ‘85-’95 op dit circuit plaats, maar is ‘overgenomen’ door de stad Melbourne. Begin er hier niet over tegen een willekeurige Adelaidian, want dat zit ze nog steeds dwars maar ondertussen komen er steeds meer geruchten dat de F1 terugkomt naar deze stad. Maar het verlies van de F1 heeft plaatsgemaakt voor een ander race spektakel, die van V8 wel te verstaan. De eerste dagen van de Clipsal 500 staan in het teken van oefenen en kwalificeren, tijdens de laatste twee wordt de 500 km V8 Supercar Race gehouden. Er zijn acht race categorieen; naast de V8 Supercars zijn er ook races voor mini’s, V8  Utes en sport race cars. Sponsor is Clipsal Electronics, vandaar de naam Clipsal 500.

In het kader van het verbreden van je horizon enzo, besloten we ook voor dit evenement een kaartje te bemachtigen. Onze Nederlandse krokettenvrienden Manon en Jan deden hetzelfde en zo spraken we zaterdagochtend af voor het Centraal Station. Het was een stralende dag en hele volksstammen liepen al richting het terrein, een enorm park aan de oostkant van de stad. We zaten niet op de tribune, maar hadden trackside kaarten waarmee we -zo bleek- een heel groot deel van het circuit konden zien. Toen eenmaal binnen de eerste V8’s al met ruim 200 km/u voorbij raceten, kregen we spontaan kippenvel…wat een bijzondere wereld waren we binnengewandeld :D Hele gezinnen zaten relaxt op hun inklapstoeltje of kleedje, stubby mee, esky bij de hand en genieten maar. Kinderen met race petjes liepen rond of speelden in de speeltuin. Groepen zaten bijelkaar voor grote schermen om geen fragment te hoeven missen en de talloze hapjes en drankjes tentjes zorgden voor de inwendige mens. Bij de EHBO kon je sunscreen smeren en water krijgen. Er was een soort kermis aanwezig voor degenen die nog niet genoeg adrenaline hadden en iedereen maakte er zichtbaar een gezellige dag van. Uiteraard konden wij ons daar helemaal in vinden!

Racen in the air

Kilometers struinden we over het terrein, bekeken de race en verbaasten ons dat zoiets georganiseerd kan worden in een stad. Alsof vier dagen racen niet genoeg waren, werden de bezoekers elke middag getrakteerd op een air display. Zo ook zaterdag, waarbij er vanuit het niets -we waren gezellig aan het kletsen met een happie en sappie erbij – een straaljager voorbij kwam gieren die de V8’s op het circuit deed verbleken. Met een oorverdovend geluid maakte de F/A 18 een paar waanzinnige loops, kwam weer terug stuntte vrolijk verder. En iets later werd er door een andere piloot een tekst gevlogen in het luchtruim, kijk maar naar de foto’s :) Later begreep ik dat zo’n straaljager 30.000 dollar per minuut kost. Tel uit uw winst!

Om een uur of vijf waren de races van die dag voorbij en liepen we naar de Parking Lot, een enorme beer garden op het voormalig F1 terrein. Het was een grote tentoonstelling van extreme en bizarre auto’s, eettentjes, merken auto’s (Ford en Holden), Harley Davidson’s en zelfs speelgoedautootjes. De temperatuur liep op en om al het stof op het droge terrein tegen te gaan, reed er een sproeiauto rond en kom je zelfs achter een ijswatersproeier staan om wat af te koelen.

Fireworks!!

Om een uur of zes gingen de andere gates open en mochten bezoekers gratis het terrein op om concerten bij te wonen. In korte tijd stroomde het concert terrein helemaal vol en ik schat in dat op dat moment zeker zo’n 100.000 bezoekers waren. Vorig jaar trok Clipsal bijna 400.000 bezoekers in vier dagen. Na de concerten (een zanger was de winnaar van Idols), werd er -alsof het programma nog niet genoeg bood- een skyshow gegeven met een half uur non stop vuurwerk die van twee plaatsen tegelijk werd afgeschoten. Op de maat van een track van een bepaalde radiozender nog wel. Het was echt een schitterend gezicht en een van de mooiste vuurwerken die we ooit hebben gezien.

Na dit V8 avontuur, de airshow, concerten en het vuurwerk liepen we, met tienduizenden anderen, naar de uitgang en liepen richting het station. Bedekt in het stof en zweet, met beurze voeten en het gescheur van V8’s in onze oren verbaasten we er ons over dat zo’n evenement op z’n manier georganiseerd kan worden. Strompelend over de North Terrace pakten we nog de Northern Lights tentoonstelling mee waarbij de ‘historische’ gebouwen op ludieke en wisselende wijze werden verlicht.

We konden nog net de laatste trein en bus pakken die in het kader van Clipsal 500 gratis waren. In de trein zagen we overal stoffige schoenen en verhitte koppen van jong en oud die er vandaag bij waren. Door onze dichtgeslipte lenzen keken we elkaar vermoeid aan en verzuchtten: “Wat een stad!”….

 

Klik hier voor de foto’s!

 

Raving the city!

Author: Jana  //  Category: Adelaide

Afgelopen weekend stond Adelaide bol van de festiviteiten. Adelaide Festival, Fringe en WomAdelaide trokken tienduizenden bezoekers naar de binnenstad. Van kunst, cabaret, stand up comedians, opera, straattheater en optredens van bands uit alle uithoeken van de wereld….de staat South Australia deed z’n naam eer aan: The Festival State. Dat ze hier enorm trots zijn op die verdienste blijkt wel uit de South Australian nummer plates waar deze tekst steevast onder staat. Zo ook onder de onze.

Nu zou je denken dat we een hele stapel aan tickets in de pocket hadden voor deze bijzondere evenementen. Dat we van het ene naar het andere renden, met verschillende programma’s en een camera in de hand hijgend van optredens naar voorstellingen renden en tijd tekort kwamen om alles te zien en te beleven dit weekend. Niets was minder waar. Er stond namelijk een heel ander evenement op ons programma: MagicSjeup was raving the city!

Vierkante basjes

Voor wie die kant van ons niet kent, volgt een korte toelichting. Zijn eigenlijk maar twee woorden voor nodig en dat zijn ronde bassen. Een enorme passie van ons, die hardere variant van house. The Happy Few, onze nickname, een hoop vriendschappen en de organisatie van eigen feesten zijn daaruit voortgekomen. Plus een hoop hoofdpijn, maar da’s een ander verhaal :D Nu wil het geval dat die ronde bassen ook hier geen hoogtij meer vieren. Wat doe je dan? Juist, genoegen nemen met vierkante basjes. Als het maar lekker doorbeukt. Laat het Nederlandse DJ duo Showtek dat nu hebben uitgevonden en verbeterd. Sterker: deze Brabantse broers winnen zo’n beetje alles wat er te winnen valt in hardstyle land. Ze hebben een gig guide waar menig popartiest duizelig van wordt en ze produceren aan de lopende band. In Australie zijn ze ongekend populair en toen we hoorden dat ze ook deze stad aandeden in hun world tour, waren de kaarten snel besteld. Voor een schamele 15 Euro konden we ze weer zien in een clubje waar 300 man in paste. Het was alweer een tijd geleden dat we waren uitgeweest, dus we waren benieuwd!

We besloten om de bus en de trein te pakken naar de CBD. Liepen er in de regen naartoe, wat bijzonder was na maandenlang amper regen en heel veel UV gehad te hebben. Nu hebben wij geen klagen, want in Melbourne bijvoorbeeld is op dezelfde dag een hagelbui gevallen met hagelstenen zo groot als golfballen. Delen van de stad zijn ondergelopen en waren wit van de hagel. Ik zei toch dat de zomer voorbij was! :)

Public transport Party

Bij de bushalte stond een auto geparkeerd met twee mannen en allerlei apparatuur erin. Het bordje bus stop bleek verdwenen te zijn, dus Eup vroeg aan de man achter het stuur of het busje nog kwam. Ineens werd ons duidelijk dat de twee mannen surveillerende politieagenten waren. Op zich keken we daar niet van op, Port Adelaide is niet een wijk waar je ’s avonds alleen rond moet lopen. Maar nieuwsgierig als we waren -het was ook wel weer spannend natuurlijk- deden we zelf wat nader onderzoek en vroegen de bogan die ook op de bus wachtte, wat er aan de hand was. Hij vertelde dat er een meeting was van een car club, op de parkeerplaats. Dat de politie ze in de gaten houdt. Opdat ze niet gaan racen, enzo. Want dat komt vaak voor, dat de raceclub even het gas erop gooit, maar dat maakte toch niet uit als er niemand op de weg is, want ze kunnen dan alleen zichzelf schade aandoen. En die politie wist ze toch altijd te vinden, want ze werden verlinkt en ze checken alle forums en ze filmen alles. Tot zover begrepen we het nog, die auto, maar vonden het wel opvallend dat hij er zo veel van wist. Totdat hij eenmaal in de bus bekende dat hij zelf drie jaar geleden is gepakt “I was dubbed mate, there was footage and all, lost my driver’s licence and had to pay 27000 dollars mate. But I’m lucky I didn’t have to go to prison. So now I take the bus.”  Naast deze kennismaking met onze wijkbewoner, hoorden we ook nog z’n nare geiten met z’n missus en viel het ons ineens op dat ie wel een enorm litteken van een mes in z’n gezicht had. Maar verder was het wel een schatje, ook tegen de security in de trein die hem de trein wilde uitzetten omdat hij z’n concession card niet bij zich droeg. Het verhaal ging verder met een stel andere bogans die wel tekeer gingen tegen de security en geen ID bij zich hadden. Drie agenten op het perron maakten een einde aan dit tafereel. Don’t fuck with the Ozzy police…

Gekkenhuis

Eenmaal in de binnenstad kon het feest dan eindelijk beginnen (of verder; het is maar hoe je het bekijkt).  Via North Terrace liepen we Hindley Street in; de straat waar het ’s nachts bruist. Vol met happie-sappie-tentjes, clubs, barretjes, winkels, noem het maar op. Het was een grote mensenmassa en we keken onze ogen uit. Meisjes op heeeeele hoge hakken en met heeele korte jurkjes (in de regen!), gasten met de meest weirde hairdo’s, torenhoge bouncers met wie niet te spotten viel, clubs en bars die uit hun voegen knalden, dronken mensen op straat en volle kebab-en-falaffel-en-pizza tenten. Groepjes Aziaten met nog weirdere outfits en hoedjes en iets verderop richting de club waar wij naartoe gingen ravers in fluoriserende kleding, mohawks in alle kleuren van de regenboog, pipobroeken en felroze fluffy beenwarmers. Dat moesten de Showtek fans zijn :D

Voor de club was een terras waar het al erg druk was. Met een stempel kon je naar binnen en buiten. Er was geen controle en binnen stond zelfs een pooltafel. Er stonden wat DJ’s te knallen om een uur of elf waar zelfs de HardHouse Academy nog niet mee eindigt. De mensen waren superrelaxt en iedereen had het over die Nederlandse DJ’s. Iemand deelde QDance stickers uit die ze op hun hele lijf plakten. We hoefden maar te zeggen dat we Nederlands waren en we hadden al vrienden gemaakt :)

Met “From the Land of Hardstyle, these are the wordlfamous DJ’s Showteeeeeeeek” werden de Brabobroeders aangekondigd. Direct ging de tent los. Vanuit het niets werden er hardstyle shuffles opgevoerd die zelfs onze wenkbrauwtjes een meter deed rijzen. Soort combi tussen jumpen en hip hop….en dan tot kunst verheven. Elk woord van elke track brulden ze mee, alsof we met 300 Martijns uit waren :D Konden het niet laten even een stukje achter te laten op z’n voicemail, geniet ervan Brejuh! Ze zijn binnenkort weer in Nederland.

Skycity is the limit

Na dit evenement vonden we het wel welletjes en besloten wat rond te struinen in de stad. Heerlijk alles en iedereen zo te observeren. Op miraculeuze wijze belandden we ineens in de Skycity, waar we achter de Black Jack tafel werden getrakteerd op wel 30 slechte handen achter elkaar (box 1, elke kaart niet hoger dan 5 en de bank zelfs vanuit 2 naar 21 toewerken, de schurk!) en bij de Roulette net naast het goede nummer visten. …om vijf uur was het welletjes, waren alle munten op en stapten we de taxi in op weg naar Port Adelaide….gelukkig hebben we meer geluk in de liefde :)

PS Geen foto’s dit keer, hadden geen camera bij ons. Jaja, reuzedom (ik hoor het je zeggen Sicky!), maar we dachten dat het verboden zou zijn (dat is het hier bijna altijd, behalve deze keer…)

De Zomer voorbij?

Author: Eupers  //  Category: Adelaide

Zijn we weer! Heeft een poosje geduurd voordat ik jullie weer ga vervelen of verblijden, het is maar hoe je het bekijkt :) Iedereen die ons een beetje gevolgd heeft, weet dat we het de eerste maanden na onze aankomst erg druk hebben gehad met het opbouwen van ons nieuwe leven hier. Er moest onderdak en vervoer gezocht worden, verzekeringen en bankrekeningen afgesloten worden. Eigenlijk al die dingen die we allemaal hadden opgezegd back in Holland. Zo terugkijkend is dat aardig gelukt. We hebben een huis, een auto, en weet ik veel wat nog meer bij mekaar gesprokkeld en uitgezocht.

Nu een paar maanden later kom ik er dan ook achter of die autoverzekering bijvoorbeeld een goeie is. Ik vond het namelijk vorige week wel eens tijd om wat beter kennis te maken met onze buren. We hadden ze uiteraard wel eens ge-Good Day’t op straat, maar echt contact was er (nog) niet. Nou moet je weten dat onze crescent erg smal is, en er vaak op 1 helft van de straat auto`s geparkeerd staan. Soms ook niet, maar deze keer dus wel. Die van de buurman bijvoorbeeld. Zo raakte ik in een onbewaakt moment bij het achteruitrijden vanuit onze garage zijn auto tegen het achterportier. Spiegelen is een kunst zegt iedereen, maar dan moet je dat -en over je schouders kijken- wel doen! Resultaat was een volledig verfromfaaide achterdeur van de buurman’s Kia, en slechts wat verf van dat portier op mijn versterkte achterbumper. Darn i love my car :D 

Zeg nooit nooit

Toch niet zo`n fijne situatie natuurlijk. Erge was nog dat ik die week daarvoor nog had zitten blaten tegen Jana dat ik nog nooit eerder schade had gemaakt. Sja, dan krijg je dat soort dingen…..Nou ja, aanbellen dus maar bij de buurman. “Ehr oeps I`m sorry i made a stupid fout and now has your car een deuk.” Hij keek me een beetje vreemd aan, maar toen ik wees naar z`n auto begreep hij heel goed wat ik bedoelde. Gelukkig kon die er wel om lachen. Bleek ook niet de eerste keer te zijn dat dit gebeurt in deze straat. En de opmerking: “no worries mate, that`s why we have insurances!” gaf me op dat moment iets van mijn  ‘gedeukte’ zelfvertrouwen terug :)  Die insurance gasten gaan het nu onderling oplossen.  Sterker nog, ben blij dat ik een iets duurdere verzekering heb afgesloten via een tussenpersoon die alles opvangt. Een belletje (in het weekend) en hij lost het op. Buurman bleek trouwens een erg geschikte peer te zijn. Heb trouwens maar een flesje goede Scotch whiskey langsgebracht. Want hoewel het een auto van de zaak was, heeft hij er toch rompslomp van. ”Ah you should’nt have, mate” zei hij, maar hij ging de fles toch maar snel verstoppen voor zijn zoon ;)

Afgelopen weekend werden we zondagochtend uit ons bed gebeld, was rond een uurtje of 11. Jaja, ik weet het dat is laat in de morgen, maar we hadden de avond daarvoor al tot 4 uur ’s nachts zitten skypen met het NL front. Bleek dus grote vriend Sicky te zijn die belde op de homephone. Hij verzocht me aboluut niet beleefd, maar wel zeer overtuigend de Skype aan te zetten. Ik citeer hem nu even: EN NU SKYPE AANZETTEN **** !!! Sja wat moet je dan, bovendien herken ik absoluut zo`n situatie. Zeker als ie is ondergedompeld in een sappie of tig :D

Virtuele Muppetshow

Ik dus braaf als ik altijd ben naar beneden gedrenteld, koppie thee gezet, crackertje gemaakt en Skype aangezet. Met nog dichte ogen keek ik opeens in Sicky zijn playroom en wat schetst mijn verbazing! Bijna de complete Muppetshow aanwazig! Deze keer weliswaar zonder Muppet outfits, maar ready to rumble!!! Hahahaha wat heb ik gelachen met jullie guys and girls, dat koppie thee werd snel vervangen door een biertje, deden we een rondleiding en opeens wat het bij jullie 4 uur ’s nachts en hier half twee ’s middags.  Ook werd de wasbak van Mandy ingeruild voor het bedje, die Nessa toch! En sloot ik skype af met een dikke vette smile. Het was bijna net of we er bij waren! Missen doen we weinig hiero, maar jullie op zeker, dus dit was echt TOP!

Nu we ons eigen plekkie hebben gevonden, betekent dat natuurlijk niet dat we ons meteen gaan ingraven als marmotjes, er moeten natuurlijk dingen ontdekt worden! We hebben natuurlijk al een hoop dingen in de direkte omgeving ontdekt en zijn er vaak op uit gegaan. Maar 1 van de redenen waarom we ook Down Undah zijn gegaan is het kunnen buiten zijn en kunnen genieten van de ruimte en natuur. Daarom hebben we afgelopen weken een complete camping uitrusting aangeschaft. Nee, we hebben niet allebei dezelfde fiets gekocht (hebben we al geimporteerd :D ), en ook niet hetzelfde trainingspak. Wel een tent, mobiel keukentje, stoelen, tafeltje, slaapzakken en zelfs een pisemmer.  Zoals ik wel eens eerder heb gezegd, het outdoor gebeuren hebben ze hier Down Undah niet alleen gepatenteerd maar ook verbeterd!

There’s more 2 explore

Jana en en ik hebben allebei een kampeer’verleden’. Ik ben -toen ik nog een klein Eupie was- vaak met mijn ouders gaan kamperen, vond ik fantastisch. Ook Jana heeft heel wat afgekampeerd, zelfs toen ze al een volwassen Janaatje was :) De afgelopen jaren hebben we samen heel wat afgereisd en naast de meest mooie hotels ook in heel wat shit holes gezeten. Alleen die oude liefde, het kamperen, schoot er altijd bij in. Te druk, te moe, te slecht weer, etc.

Deze week daar dus maar wat verandering in gebracht. Wij met de Explorer (eerst de verf van de buurman’s auto eraf geveegd) op pad gegaan naar Port Elliot, een kustplaatsje aan de Southern Ocean op Fleurieu Peninsula. Is bekend vanwege de prachtige stranden waar van april tot november ook walvissen te zien zijn. Onderweg ernaartoe rijd je door Mc Laren Vale, een wijngebied. En langs stranden waar je met de auto op mag! Is niet zover hier vandaan, een km of 85 rijden. Wel een totaal ander gebied dan Adelaide door de sterke (koele) invloed van de zee waarvan de wind -in tegenstelling tot Adelaide die in een golf ligt- rechtstreeks uit Antarctica waait. In Port Elliot is het ondanks de ‘kleine’ afstand zeker zes graden koeler in de zomer (maar warmer in de winter). Dinsdag heel de bak dus volgeladen met alle kampeerspullen en gas geven maar! 

Het was ook beetje een try out om te kijken of we het nog wel leuk vonden dat ‘kramperen’. Dus hebben we het twee nachtjes een try gegeven. We wisten dat het ’s nachts koud zou worden zo aan het eind van de zomer (graad of twaalf en dat vinden wij nu koud), dus bewapend met slaapzakken en dekbedden doken we al met de kippen op stok de tent in. En ik moet zeggen, hoewel het ’s nachts koud was, we moesten pissen in een emmer en er een waar bombardement op onze tent was van eikeltjes en restanten die vogeltjes daarvoor gegeconsumeerd hadden, hebben we echt zwaar genoten. Tel daar bij op dat we een paar fantastische stranden en baaien gezien hebben (foto`s zeggen meer dan woorden, zie de links onderaan). Ik mag dus gerust concluderen dat ook dit avontuur meer dan geslaagd was en we dit zeker vaker gaan doen. Life is echt a Beach :D

Zoals jullie kunnen lezen so far so good!  Alles valt op zijn plekkie. Wat we nog niet hebben is werk, en dat is uiteindelijk toch wel wat de spil gaat worden van ons bestaan. We hebben een aantal plannetjes wat dat betreft en hebben er het volste vertrouwen in! We houden jullie uiteraard op de hoogte. Maar eerst nog maar (blijven) genieten van al het moois waarmee we zijn omringd. Hebben nog zoveel te doen en te zien….en dat zullen we ook zeker tot na deze ‘very extended summer’ blijven doen :D

 

Foto`s Kamperen dag 1

Foto`s Kamperen dag 2

 

 Keep u posted and keep us posted!

Aussie rules!

Author: Jana  //  Category: Adelaide

Dat Aussie ‘roelt’ en een fantastisch land is om in te wonen, is wat ons betreft helemaal waar -dat moge inmiddels duidelijk zijn uit de verhaaltjes op deze website. Maar met dit berichtje doel ik daar dit keer niet op (of misschien indirect toch weer wel…). Ik wil het namelijk over voetbal hebben, Australisch voetbal wel te verstaan, ofwel: Aussie rules football. Of simpelweg: footy.

Voetbal? Ik hoor jullie al denken…Jana en Eup naar voetbal, sinds wanneer vinden ze dat leuk dan? Juist ja. Vonden we ook niet. Dat voetbal in Nederland oorlog is, blijkt wel uit het voetbalvandalisme en hooliganisme. Die relatief kleine groep waarbij het recht van de sterkste geldt. Weliswaar niet zo erg als in Engeland, maar toch. Standaard slopen zij bij grote wedstrijden het stadion en verpesten het voor de rest. Rellen, daar gaat het ze om, liefst van te voren georganiseerd en tot op de tanden bewapend. Wie gaat er bijvoorbeeld nog met het hele gezin naar een wedstrijd? Van ADO Den Haag bijvoorbeeld? En wie ‘durft’ nog naar Ajax – Feijenoord? De partijtjes zetten zich vaak voort buiten het stadion waarbij de fans zich aan politie, beveiliging en ME van hun ’sportiefste’ kant laten zien.  De clubs voeren allerlei maatregelen in om precies te weten wie binnen is en waar zit. Met camera’s, geautomatiseerde toegangsbewijzen, uitvoerige huisregels en opnames per vak proberen ze de fanatiekelingen geen vrij spel te geven.

Crows vs Power!

Dat voetbal wel degelijk relaxt kan zijn, blijkt uit zomaar een wedstrijd die we vanmiddag hebben gezien. Uit nieuwsgierigheid haalden we twee tickets voor de footy in het stadion hier vlakbij. In de eerste ronde van de NAB cup (soort oefenwedstrijd) speelde Port Adelaide (Power) tegen Adelaide (Crows). Omdat het nog niet voor het ‘eggie’ was, waren er ’slechts’ 15.000 man. En vrouw. En kind. Hele families gaan namelijk naar een wedstrijd, zo viel ons al direct op. In de kleding van hun cluppie is het hele gezin een dagje uit.

In de rij voor het stadion keken we eens goed om ons heen. Zagen families picknicken op het gras en groepen vrienden barbeknoeien bij de auto. Iedereen had er zichtbaar zin in en wij ook. We besloten eerst maar eens een rondje te gaan lopen. We passseerden een aantal plaatsen waar gegokt kon woren (uiteraard!), een tiental bars waar je bier, whiskey en weet ik wat allemaal niet kon halen (!!), tentjes voor fish & chips, broodjes, koffie, merchandise en verder nog heel veel (schone) public toilets. Dat begon al goed!

Het spel

In het stadion waren er twee gedeelten: 1 voor de members en 1 voor de niet-members. De supporters van beide clubs zaten gemoedelijk door elkaar heen en keken met een biertje in de hand (!) gespannen naar de opening van de wedstrijd. Nu snappen we vrij weinig van het spel, maar laat ik de belangrijkste verschillen toch proberen uit te leggen. De Aussie rules zijn zo dat er twee teams van 18 voetballers op een ovaal veld spelen, wat aan beide kanten vier doelpalen heeft. Daar moet je dus in gooien met een ovale bal. Gooi je die in de middelste palen, dan heb je een goal en dat is zes punten. Daar kwam ik ook na een half uur achter :) Je mag lopen met de bal, schoppen of zelfs je handen gebruiken. Er zijn vier quarts van 20 minuten en wie de meeste punten heeft (dat kan over de honderd zijn) wint. En ook hier geldt, je moet scoren om te winnen :)

Het spel gaat daarbij met zo’n onvoorstelbare noodvaart, dat we het eerste half uur niet wisten waar we moesten kijken. Er werd volop getackeld, de spelers werpen zich op elkaar en rennen, gooien, springen en draaien alsof hun leven er van af hing. Niet van dat benauwde lijkt ook hier het motto te zijn.  Niks inspelen en opwarmen, het ging direct al op full speed! Het publiek ging helemaal mee, wapperde met vlaggen en juichte volop. Van dat puntensysteem begrepen we niets en in de pauze, waarbij je met een pasje buiten het stadion een peukje mocht doen (!), kregen we uitleg van een paar locals. En van een toelichting op Australisch voetbal ging het gesprek over op South Australia. Een van die gasten was migratie officer, zo zie je maar. Ze waren duidelijk trots op hun staat en vertelden ons waar de allermooiste plekjes waren. Toch waren ze verrast toen ik meldde dat Adelaide op de 8ste plaats staat van ‘most liveable city in the world’, dit volgens het onderzoek van The Economist.  Nog meer glimmend van trots gaven ze ons tijdens de volgende quart tekst en uitleg over het spel.

Underdog Port Adelaide, volgens hen echte rouwdouwers en niet altijd even netjes (het zal wel aan de wijk liggen :)), heeft uiteindelijk na twee uur rennen en vliegen over dat ovale veld compleet de vloer aangeveegd met de Crows, de lievelingen van Adelaide. Toch bleef de sfeer zo ontzettend relaxt en sportief, dat konden we amper geloven toen we weer naar buiten liepen. ”Footy is fun guys, hope to seeya next time!” riep de local ons nog na. En zo is het maar net: Aussie rules!

 

PS Geen foto’s dit keer, mocht geen camera mee naar binnen..

F14’s en V8’s

Author: Eupers  //  Category: Adelaide

Zijn we weer, tis weer tijd voor een upscheet. Jana heeft de vorige upscheten verzorgd, dus nu aan mij de eer. Wilde jullie eigenlijk niet alweer vervelen met hoe warm het hier is, hoe lekker het strand is en dat life hier gewoon goed is! :)

Toch gaak ‘t gewoon weer doen, praten over het weer, sja als Nederlander doe je dat nu graag :)

Het is de afgelopen week bloody hot geweest. Niks nieuws onder de South Australian Sun. Maar afgelopen week was het nog een keertje super vochtig. Niet te harden, 35 graden in de schaduw en dan superklam. Gatver, zelfs de airco kon er geen goede draai aangeven. Mooi weer is fijn, maar dit voelde net als Azie, en dat zijn we niet meer gewend. Plakken en amper kunnen slapen..Zijn er uiteraard goed uitgekomen door binnen te blijven en het vooral rustig aan te doen (ja sorry harde werkers inNederland waar het voor de verandering weer eens sneeuwt! :) At last is vandaag de temperatuur gedropt naar 28 graden en het regent! Eindelijk! Heerlijk (ja alweer sorry)..!

Rustig aan doen kunnen we nu best goed namelijk. Ons huis is eindelijk af. Deze week hebben we een geluidsinstallatie laten installeren waartegen de voormalige buren in Rijswijk  “U” gezegd zouden hebben. Zoals al eerder vermeld, hangt dit huis vol luidsprekers. En niet een paar, nee het hele plafond in het hele huis zit vol, en zelfs de tuin, badkamer en terras is de landlord niet vergeten. Is z’n vak tenslotte, sound engineer, bouwt home theatre systems. Zelf al een paar keer geprobeerd daar wat geluid over heen te pompen, lukte niet, snapte ik niet. Dus maar de landlord himself ingeschakeld. Twee amplifiers via hem aangeschaft, 1 voor de sound door het hele huis en 1 (My first Marantz!) voor het 5.1 gedoe in de living room . Tel daarbij op een subwoofer waar HQ jaloers op zou worden. Meteen een oude film erin gegooid: Topgun. Nou de F14 flying Hornets vlogen letterlijk en figuurlijk door de huiskamer!

Jana er ik waren het er toen over eens. Na toch wel ‘een tijdje’ drie hoog achter in Rijswijk te hebben geleefd, hebben we nu eindelijk een VOLWASSEN  HUIS (ja met hoofdletters :))  We beginnen ons aardig thuis te voelen op dit plekkie under tha sun.

Ondertussen zetten we voorzichtig onze voelsprieten uit mbt een nieuwe job. Vorige week hebben we even verder gekeken dan een dolfijnenneus lang is en zijn we verzeild geraakt op een een jongerenborrel georganiseerd door de Dutch Club. Hun motto is: je bent zo jong als je je voelt! Nou, dat moet je zeker niet zeggen tegen iemand die bijna 40 is :)

We hadden om van de nood een deugd te maken daar meteen afgesproken met Manon en Jan. Die van die kroketten, weet u nog. Daar aangekomen schoof nog een ander stel aan: Martine en Robert, zij wonen en werken op Kangeroo Island en hadden net hun permante visa gekregen. Daar moest natuurlijk op geproost worden, ofwel van netwerken kwam geen reet meer terecht. Fok dat netwerken: gezellig was ut!!!

De zomer dendert nog ff voort hiero, helemaal goed natuurlijk. Hebben nog zoveel te ontdekken in deze prachtige staat. Maar helaas zijn er ook zaken die minder rooskleurig zijn hier. Wat mij heel bijvoorbeeld erg veel zorgen maakt, beside het grote risico op huid K**ker, is dat in een staat 1.6 miljoen mensen wonen, en net zo groot is als Frankrijk en Spanje bijelkaar, er zoveel auto-ongelukken gebeuren. Gister stond in een artikel hierover in The Advertiser: “Already we are sitting at 24 fatalities this year, and more than 500 people have been seriously injured on our roads.” En voor de goede orde: het jaar is nog maar zes weken geleden begonnen. Dat blijkt dus voort te komen uit 100 ongelukken, per dag!!! Kun je je dat voorstellen in vergelijking met Nederland? Ik kan het amper bevatten. Hier zijn de regels strak, in Nederland ook. Maar in hoeverre ze echt strak zijn vraag je je af als je weet dat je hier al kunt rijden op je 16de.  Met gemiddeld 6 rijlessen slaagt de jeugd dus. En dan mogen ze gerust in een V8 monster rijden. Ok, dan heb je een rode P (provisional rijbewijs) achter je raam. Daarmee mag je zogenaamd niet harder dan 80. Nogmaals: leeftijd 16, rijden in eenV8, en niet harder als mogen dan 80? Tel daar bij op het Binge drinking (coma zuipen, hebben ze hier uitgevonden en verbeterd) en de gedachte dat handsfree bellen niet stoer is…. hope you get my point. Ik lees dit soort berichten met afschuw in de lokale newspapers. Sommige dingen zijn wat dat betreft dan toch beter geregeld in de NL.

Binnenkort ga ik wat dieper in op wij op ons menu hebben staan kwa werk. Misschien crash repairer gaan worden, altijd werk :) Nah……. tempting, but no.

Keep you posted and keep us posted!